Het verschil in opleidingskosten uitgelegd

Torenhoge kosten

Torenhoge kosten voor de mbo-leerling aanpakken! Zo kopte RTL-nieuws. De opleidingskosten verschillen nogal per opleiding. Natuurlijk is het collegegeld vastgesteld, maar de losse materialen zullen verschillen.

Logisch?

Is dat logisch? Gevoelsmatig misschien wel. Maar laten we even op de kappersopleiding ingaan. En kies bijvoorbeeld eens een schaar. Even snel googelen leerde dat ze tussen de 17 en ruim 700 euro kunnen kosten. Zo’n schaar kan enorm lang meegaan bij goed onderhoud. Dus kies je voor goedkoop of voor duurkoop? En maak je de keuze op basis van je budget op dit moment?

Sponsoren

In Zaandam doen ze het anders, ze zoeken sponsoren. Kijk voor inspiratie naar deze video.

Mbo-raad

En wat zijn dat de wettelijke kaders? Daar heeft de mbo-raad over gepubliceerd:

1.  Hoe worden het wettelijk les- en cursusgeld en de schoolkosten vastgesteld?
De overheid stelt elk jaar het wettelijk les- en cursusgeld vast dat studenten moeten betalen voor het volgen van een beroepsopleiding. Voor dit jaar is dat 1137 euro (voltijd mbo). Daarnaast moet een student zelf leermiddelen (boeken, readers, schriften, mappen) aanschaffen voor het voorbereiden en volgen van de lessen of specifieke leermiddelen voor een bepaalde opleiding zoals werkkleding of schoenen. De school bepaalt voor elke opleiding welke leermiddelen nodig zijn. De studentenraad heeft instemmingsrecht op het schoolkostenbeleid van de school. De Inspectie van het onderwijs toetst het schoolkostenbeleid.

2.  Hoe komt het dat de schoolkosten per beroepsopleiding kunnen verschillen?
Voor bijvoorbeeld een bouwopleiding, een opleiding voor voedingsspecialist, een kappersopleiding en een opleiding tot bakker of beveiliger zijn verschillende leermiddelen nodig. Ook de kosten voor de leermiddelen voor een zelfde type opleiding kunnen verschillen: de overheid heeft bepaald dat een opleiding zelf verantwoordelijk is voor de keuze van de leermiddelen. Scholen betrekken het bedrijfsleven bij het vaststellen van de leermiddelen: dat is belangrijk om de lesstof zo goed mogelijk aan te laten sluiten op wat de praktijk vraagt. 

3.  Hoe weet een student welke kosten hij/zij kwijt zal zijn voor een opleiding?
De overheid maakt het wettelijk les- en cursusgeld elk jaar openbaar via de site van de rijksoverheid.
Scholen maken de leermiddelen en schoolkosten per opleiding vóóraf inzichtelijk via bijvoorbeeld de website. Een student is niet verplicht om de leermiddelen via de school in te kopen.

4.  Hoe zit het met de vrijwillige bijdrage?
Scholen bieden naast het onderwijsprogramma vaak extra activiteiten of zaken aan. Denk daarbij aan pasjes voor kluisjes, feesten of reizen. Deze activiteiten of zaken zijn niet voorwaardelijk voor het kunnen halen van een diploma en daarom mogen scholen er alleen een vrijwillige bijdrage voor vragen. Studenten kunnen zelf kiezen voor deelname/afname (en dus of ze ervoor willen betalen).

5.  Hebben opleidingen de verplichting om schoolkosten zo laag mogelijk te houden?
Ja: de overheid verwacht van de scholen dat zij de schoolkosten voor de verschillende opleidingen sober houden, en de redelijkheid en billijkheid niet uit het oog verliezen. Daarnaast vinden scholen dat ze ook de morele verplichting hebben om dat te doen: het mbo moet voor iedereen toegankelijk zijn en blijven.

6.   Wat nu als een student de schoolkosten niet kan betalen?
Kan een minderjarige student of zijn/haar ouders/verzorgers vanwege te weinig financiële draagkracht de schoolkosten niet betalen, dan kan hij/zij bij de school terecht voor het vinden van een oplossing. Sinds 2016 is de Tijdelijke regeling voorziening leermiddelen van kracht; scholen kunnen daardoor extra middelen van het rijk inzetten om minderjarige studenten te helpen bij de schoolkosten. Meerderjarige studenten kunnen studiefinanciering of een lening aanvragen.

7. Kan er een maximum gesteld worden aan de schoolkosten?
De kosten van leermiddelen kunnen erg uiteen lopen: een laptop bijvoorbeeld heeft een andere prijs dan een knipset. De school heeft geen invloed op de prijs van een leermiddel, dat is aan de markt. Een student heeft zelf invloed doordat hij/zij zelf bepaalt hoe hij/zij leermiddelen aanschaft (collectief inkopen, nieuw, tweedehands). Hij/zij heeft ook invloed via de studentenraad die instemmingsrecht heeft op het schoolkostenbeleid. Scholen zoeken met studentenraden actief naar creatieve oplossingen om de schoolkosten bescheiden te houden. Daar zijn vele voorbeelden van.

Een maximum stellen is alleen haalbaar als de overheid dan ook aanvullend budget beschikbaar stelt zodat de benodigde leermiddelen ongeacht de prijs altijd kunnen worden aangeschaft.

8.  Waar vindt u meer informatie over schoolkosten?
Schoolkosten in het mbo is een complex onderwerp. Meer gevalideerde informatie vindt u op de site van de rijksoverheid:
kosten mbo-opleiding
hoogte lesgeld en cursusgeld mbo
Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO): Lesgeld 

 

 

 

Nathalie de Weerd

Nathalie de Weerd is uitgever bij Edu'Actief voor de methodes Angerenstein Welzijn en Leefstijl. In haar vrije tijd is ze betrokken bij het onderwijs, loopt ze hard en bakt ze vaak.

0 reacties

Nog geen reacties

Reageer als eerste.

Reageer