LOB in het vernieuwde vmbo: begin op tijd en begeleid

LOB in het vernieuwde vmbo: begin op tijd en begeleid

Als decaan van een grote vmbo school, het Buitenhout College in Almere, geniet ik van de aandacht en erkenning van LOB  in het vmbo. Maar ik merk in mijn werkzaamheden voor de loopbaangroep en de NVS NVL dat het voor veel scholen een zoektocht is op welke manier LOB de juiste plek moet krijgen  in de organisatie en wat nodig is om LOB op de juiste manier te implementeren en te borgen in het curriculum dus in de gehele schoolorganisatie en zijn omgeving.

De laatste schoolweken van het schooljaar zijn voor ons decanen en docenten druk: regelzaken, rapportvergaderingen, vervolgopleidingen, pakketkeuzes. Veel cijfertjes en veel administratief geregel. Voor een deel van de leerlingen betekent het einde van het schooljaar het einde van hun tijd op de middelbare school.

Maar waar staat die leerling die op weg is naar een volgende stap in zijn loopbaan? Op weg naar zijn of haar nieuwe uitdaging? Heeft deze leerling een duidelijk beeld van zijn nieuwe opleiding? Weet deze leerling welke beroepsbeelden bij zijn of haar nieuwe opleiding horen? Heeft hij een goed beeld gekregen wie hij kan inzetten in zijn of haar netwerk om deze ultieme uitdaging aan te gaan? Kent de leerling zijn of haar kwaliteiten en weet hij of zij op welke manier deze in gaat zetten?

Interessante vragen, want de leerling en zijn loopbaan staan ten slotte centraal in het vmbo. Wat zou het mooi zijn, als we allemaal zouden kunnen zeggen “Mijn leerlingen kunnen hier antwoord op geven, zij hebben inzichtelijk gekregen door verschillende ervaringen, waar hun kwaliteiten liggen, wat ze belangrijk vinden, wie er in hun netwerk zit, en op welke manier zij vorm kunnen geven aan hun loopbaan”.

Met andere woorden, de leerling heeft gewerkt aan het ontwikkelen van zijn of haar loopbaancompetenties en heeft daardoor een juiste keuze kunnen maken voor een vervolgstap.

Vernieuwde profielen

Met ingang van 2016 gaat het vmbo echt van start met de vernieuwde profielen, tien uitdagende brede profielen binnen de vier sectoren. Elk profiel bestaat uit beroepsgerichte profieldelen die op het CSPE worden afgetoetst en beroepsgerichte keuzevakken die op het schoolexamen een plek binnen het curriculum krijgen. Het doel van deze vernieuwde profielen is beter aan te sluiten op het vervolg op het mbo, meer keuzemogelijkheden, meer kans om te onderzoeken en een aanbod van actuele programma’s. Consequenties van het ultieme doel om beter aan te sluiten op het vervolg op het mbo, is dat de leerlingen echt aan onderzoek toekomen en zich kunnen oriënteren op de keuzemogelijkheden van de profielen maar ook de keuzevakken die binnen de profielen binnen de scholen worden aangeboden.

Plek van LOB

Om betere aansluiting op het vervolg op het mbo voor een vmbo leerling te faciliteren is er gekozen om LOB te integreren in het kerndeel van zowel de profieldelen als de keuzevakken. Waarom is daarvoor gekozen? Het was toch goed zo? Kennismaken met de bovenbouw via pso, beetje snuffelen op het mbo, goed de folders doorlezen en naar de open dagen gaan en dan een keuze maken.

Leerlingen maakten zeker een keuze, soms goed doordacht, soms wat impulsief maar vaak ook op basis van emotie en wat hun peergroep ging doen. Feit is echter dat bedrijven, beroepen en opleidingen continu in verandering zijn. Leerlingen zijn de toekomstige werknemers en moeten steeds opnieuw loopbaankeuzes kunnen maken. Het maken van loopbaankeuzes is een doorlopend proces dat steeds bijgestuurd moet worden en waarop gereflecteerd moet worden. Loopbaankeuzes lopen als een rode draad door de gehele loopbaan van een leerling. Zoals in de LOB-handreiking van SLO staat:

Loopbaanoriëntatie en begeleiding (LOB) moet als een rode draad door het programma lopen. (…) LOB moet een centrale plaats in het programma hebben. Die centrale plaats voor LOB is gevonden door LOB in de kern van de examenprogramma’s te plaatsen.

Voor vmbo-leerlingen is het dus van belang dat er vroeg wordt gestart met LOB. Vaak moeten leerlingen in de tweede klas voor een profiel kiezen en in de vierde voor een vervolgopleiding. Omdat vmbo-leerlingen relatief jong zijn en er in korte tijd veel keuzes gemaakt moeten worden, is belangrijk dat zij begeleid worden bij het opdoen van loopbaanervaringen en het ontwikkelen van bovenstaande loopbaancompetenties. Met de nieuwe structuur van de beroepsgerichte programma’s worden leerlingen gestimuleerd om ook daar te oefenen in het maken van loopbaankeuzes. Leerlingen gaan aan de slag met hun keuze voor een profiel en de daarbij behorende profielvakken en beroepsgerichte keuzevakken. Welke keuzemogelijkheden een leerling heeft bepaalt de school. Een mooie taak voor scholen om alle vakken echt onderdeel te laten zijn van het loopbaantraject van de leerling.

Loopbaanoriëntatie en begeleiding in de nieuwe profielen is bedoeld om leerlingen te helpen bij de ontwikkeling van hun loopbaancompetenties en dus bij het maken van keuzes. De loopbaancompetenties bieden handvatten zodat leerlingen op basis daarvan loopbaankeuzes leren maken, voor nu en in hun toekomstige loopbaan.

Loopbaandossier

Om een leerling daadwerkelijk eigenaar te laten worden van zijn loopbaanproces, wordt er binnen de vernieuwing vormgegeven aan het ontwikkelen van een loopbaandossier, waarin leerlingen hun loopbaancompetenties in kaart brengen, op basis van opgedane ervaringen en het loopbaangesprek hierover. Zoals omschreven in de handreiking:

C2 De kandidaat maakt zijn eigen loopbaanontwikkeling inzichtelijk voor zichzelf en voor anderen door middel van een ‘loopbaandossier’. In een loopbaandossier is opgenomen welke activiteiten zijn uitgevoerd die hebben bijgedragen tot het ontwikkelen van de ‘loopbaancompetenties’. In het loopbaandossier wordt beschreven bij een aantal uitgevoerde activiteiten:

a. De beoogde doelen
b. De resultaten
 c. De evaluatie en conclusie
d. Welke vervolgactiviteiten gepland zijn op basis van de opgedane ervaringen en de daarbij horende conclusies

Met andere woorden, de vmbo-leerling gaat aan de slag met zijn eigen loopbaanproces onder begeleiding van zijn mentor, coach, begeleider die hem of haar door middel van loopbaangesprekken helpt bij het in kaart brengen van zijn loopbaancompetenties, met als doel genoeg handvatten te hebben om een juiste loopbaankeuze te kunnen maken. De start van een loopbaandossier is natuurlijk afhankelijk van de keuzes die een school maakt, maar als je je realiseert dat leerlingen in leerjaar 1 en zeker in leerjaar 2 al waardevolle ervaringen op doen die van belang zijn voor de loopbaancompetenties, zou het een natuurlijke start zijn om in leerjaar 1 voorzichtig een begin te maken met het loopbaandossier en de leerling zichzelf te laten volgen en te begeleiden naar leerjaar 4 toe.

Doorlopende loopbaanlijn

Hoe gaan we samen zorgen voor een doorlopende loopbaanlijn van vmbo naar naar mbo en hbo? En op welke manier zorgen we er nu samen voor dat het mbo, samen met het vmbo, de vmbo-leerling erkent in zijn inspanning en zijn loopbaanproces welke hij in kaart heeft gebracht in zijn of haar loopbaandossier? Hoe zorgen we ervoor dat dit loopbaandossier de basis is voor de start van loopbaanbegeleiding van mbo opleiding? Op welke manier zorgen we voor een doorlopende loopbaanlijn vmbo mbo?

Regionaal maar ook op landelijk niveau zijn er verschillende initiatieven om een doorlopende loopbaanlijn van vmbo naar mbo neer te zetten. Zowel op het vmbo als op het mbo wordt er hard gewerkt aan het een plek geven van de loopbaancompetenties binnen de loopbaanbegeleiding en de opleiding. Het zou mooi zijn als het vmbo en mbo een gedeeltelijke verantwoordelijkheid nemen om de leerling en student te begeleiden in de te maken loopbaankeuzes, en dat de basis van het keuzetraject het loopbaandossier is.

Aan het eind van zo een druk schooljaar is het altijd mooi om te zien dat je leerlingen samen met hun trotse ouders de diploma’s in ontvangst mogen nemen. En dat je als school, decaan, maar vooral als coach en mentor belangrijk bent geweest in het loopbaan en keuzeproces van de leerling, op weg naar het mbo of havo.

Inge Kirsten

Inge Kirsten is decaan op het Buitenhout College in Almere. Daarnaast is zij werkzaam bij de Loopbaangroep die als doel heeft scholen te ondersteunen in het loopbaangericht maken van de organisatie. Als voorzitter van het sectiebestuur VMBO MBO NVS NVL maakt zij zich hard om loopbaanleren in het land en binnen decanenkringen op de kaart te zetten en decanen en mentoren te ondersteunen.

1 reactie

  1. Dimph Rubbens september 30, at 15:28

    LOB in het vernieuwde VMBO vormt een kans om nog beter de talenten, kwaliteiten, competenties van de vmboleerlingen in beeld te krijgen als motiverende factor waar ze trots op kunnen zijn. Het loopbaandossier kan het meest persoonlijke, authentiek document worden , waarin de leerling zich gekend en herkend kan voelen in de ontwikkelingsfase waarin hij of zij zich bevindt als jongere. In jezelf vertrouwen krijgen door te leren omgaan met steeds nieuwe ervaringen en daarop keuzes te baseren in een dynamische wereld. LOB als rode draad biedt de kans om dit structureel, systematisch in beeld te krijgen en de hele school doet er dan toe. Decanen, mentoren, vakdocenten, ouders, verzorgers, peergroep, bedrijfsleven, vrije tijd hebben allemaal invloed en doen ertoe. Door LOB kunnen al deze actoren het leren verdiepen. Dit vraagt om een brede schoolaanpak en dat kost tijd om zowel op individueel docentenniveau als op teamniveau en op leidinggevend niveau samen LOB vorm te geven. Neem de tijd om elkaar te verkennen waar je staat, waar je naar toe wilt en doe ervaringen op met LOB. Organiseer kleine pilots in je school om ervaringen op te doen of voer gezamenlijk actieonderzoek uit hoe LOB aan te pakken.

    Beantwoorden

Reageer