Hoe krijg je weer energie van je werk in het onderwijs?

Hoe krijg je weer energie van je werk in het onderwijs?

Het is alweer juni. In deze tijd, zo vlak voor de zomervakantie zoemt het in scholen van de drukte. Werk je in een fabriek, dan werk je regelmatig. Je begint om 8.00 uur, en eindigt om 16.30 uur. En of het buiten nu sneeuwt of stormt, of het zonnig is of bewolkt, elke dag verricht je aan de lopende band dezelfde handelingen.

Zo anders is het onderwijs. Elke dag werken van 8.00 uur tot 16.30 uur is mogelijk, maar dat gaat niet zomaar. En waar je in andere maanden even tijd lijkt te hebben om adem te halen (écht rustig is het zelden) moeten er in deze tijd van het jaar honderdeneen dingen gebeuren: de stof uit het laatste hoofdstuk behandelen, toetsen maken en nakijken, vergaderen over rapporten, nieuwe indelingen voor het nieuwe jaar  bespreken en zo verder. Logisch dat je aan het einde van de week uitgeput op de bank ploft. Hoe krijg je, in deze drukke tijd, weer energie van je werk?

Energiescore

In een van mijn vorige blog schreef ik over onderzoek naar de medewerkerstevredenheid binnen het mbo. Op de stelling ‘Mijn werk geeft mij energie’ werd het rapportcijfer 6,5 gegeven. Ruimte voor verbetering dus. Maar hoe dan?

Om je energielevel weer een boost te kunnen geven is het noodzakelijk in te zien welke factoren invloed kunnen hebben op je energielevel. In het JD-R model (Job Demands-Resources) van Arnold Bakker is te zien wat de belangrijkste energiebronnen zijn op het werk én wat de belangrijkste stressbronnen zijn:

Het JD-R model

Bron van afbeelding: NOBCO

Bronnen en eisen

Het krijgen van steun, het hebben van autonomie en het ontvangen van feedback over je prestaties zijn dus belangrijke (niet de enige!) job resources die je energie kunnen geven. Als deze energiebronnen in voldoende mate aanwezig zijn, leidt dit tot energiewinst en een hogere motivatie.

Aan de andere kant zijn werkdruk, een onbalans tussen werk en privé en rolconflicten, waarbij er bijvoorbeeld tegenstrijdige taken uitgevoerd moeten worden, belangrijke (ook niet de enige) job demands. En die kunnen juist zorgen voor energieverlies, stressreacties en gezondheidsproblemen.

Balans

En zoals zo vaak gaat het om het vinden van de juiste balans. Bevlogen medewerkers hebben een goede balans gevonden tussen alle eisen die aan hen gesteld worden en de energiebronnen die ertegenover staan. Nu zijn er in het onderwijs veel en hoge eisen. Het is dan dus zaak om te zorgen voor evenveel en diepe energiebronnen.

Dus: zorg voor steun van collega’s, pleit voor autonomie en vraag naar feedback. De mate waarin daar behoefte aan is, zal per persoon verschillen. Maar de mate waarin bijvoorbeeld werkdruk ervaren wordt ook. Als de balans er maar is.

Bevlogenheid leidt volgens ander onderzoek tot een hoger rendement, een hogere klanttevredenheid  (zie de leerling of student maar even als klant) en een hogere productiviteit. En daarmee hebben ook teamleiders en directieleden een reden om docenten de ruimte te geven om op zoek te gaan naar positieve energiebronnen.

Martine van Huffelen

Marktdata-analist met een wetenschappelijke instelling die zich graag verdiept in praktisch onderwijsonderzoek. Is speciaal geïnteresseerd in onderzoek naar digitaal leren en vindt dat de discussie daaromtrent eerlijk gevoerd moet worden. Is ook benieuwd naar de ervaring van scholen wat betreft resultaten uit onderwijsonderzoek.

0 reacties

Nog geen reacties

Reageer als eerste.

Reageer