De toekomst van het financieel administratief domein

De toekomst van het financieel administratief domein

De laatste tijd verschijnen er veel publicaties op het internet, in dagbladen en financiële magazines over de toekomst van de financieel administratieve en accountancy beroepen.

De volgende vragen staan daarbij veelal centraal:

  • Hoe ziet het vakgebied er nu en in de toekomst uit?
  • Wat zijn speerpunten in de financiële en administratieve wereld?
  • Wat is belangrijk om te kennen en kunnen in het vakgebied?

Ervaring en toekomstgerichte visie wijst uit dat het accountantsvak in het mkb totaal op de schop gaat. Dit met name door de automatisering in het vakgebied. De traditionele rol van de accountant is aan het verdwijnen. Een accountant krijgt meer en meer de rol van businesscoach, waarmee het onderscheid tussen accountancy en advies steeds kleiner wordt. KPMG bijvoorbeeld neemt in deze hoedanigheid daarom niet alleen meer mensen aan met een accountancy achtergrond, maar legt de focus ook op mensen met een bedrijfskundige achtergrond en mensen die in staat zijn op een klantgerichte manier advies te kunnen uitbrengen naar de ondernemer.

Zo zien we in de gezondheidszorg een interessante ontwikkeling als het om financiële zaken gaat. Doordat er een verschuiving plaatsvindt in de zorg naar onder andere kleinschalig wonen en zorg meer gedecentraliseerd wordt, moeten ook mensen die daarbinnen werkzaam zijn hun eigen boekhouding op orde hebben. Ze moeten een begroting, een winst- en verliesrekening en een balans kunnen lezen en interpreteren en moeten in staat zijn forecasts te maken.

Wat is de toekomst voor financiële beroepen binnen het mkb?

Er vindt een belangrijke veranderingen plaats binnen het bedrijfsleven. Bedrijven zijn vaker verantwoordelijk voor hun eigen administratie en moeten dit zelf goed onder de knop hebben. Daarbij komt dat er meer automatiseringskennis om de hoek komt kijken. 80% van de administratie kan, en zal, geautomatiseerd worden. Het invoeren van gegevens (inkoop,- en verkoopfacturen, banktransacties, etc.) gebeurt al veelal automatisch. Slechts 5% van de verwerking is nog handwerk. Het verwerken van de gegevens wordt dus aanzienlijk minder, waarbij het interpreteren van de in,- en output van de gegevens steeds belangrijker wordt. Hierdoor verdwijnen er meer arbeidsplekken aan de ‘onderkant’ (niveau 2 en 3). Het beroep wordt daardoor meer gericht op controle en advies in plaats van het invoeren en verwerken van gegevens. Het is wel de vraag of dit ook geldt voor het mkb.

Wat is het toekomstperspectief van de FAB-opleiding?

Is er straks nog wel werk voor iemand met een financiële achtergrond op mbo-niveau 2 en 3? De veranderingen van het beroep in dit segment zijn groot. De focus komt meer te liggen op controle. Het beroep is geen dagtaak meer maar beslaat nog maar 50% van de dagelijkse werkzaamheden en het beroep moet breder getrokken worden met bijvoorbeeld ook HR-taken, commercieel gevoel en verzekeringskennis. De FAB-opleiding op het mbo zal nadrukkelijker gevolgd worden om te gebruiken als opstap naar het hoger beroepsonderwijs.

Wat is belangrijk om terug te laten komen in de opleiding?

Volgens KPMG is het belangrijk dat iedereen in een financieel getinte opleiding op mbo-niveau een ondernemersplan kan schrijven (aan de hand van een casus). Het is belangrijk dat dit is verweven in de FAB-opleiding. Met keuzedelen is dit vrij eenvoudig te verwezenlijken. Een ondernemersplan laat veel zaken aan bod komen. Het laat de student kritisch nadenken over wat nu essentieel is bij het opzetten een organisatie en wat hij allemaal in de praktijk zou kunnen tegenkomen. Daarnaast is het werken met softwarepakketten van groot belang. Dit omdat het beroep vraagt om managementrapportages te kunnen lezen en interpreteren, forecasts te kunnen maken en te analyseren. Kortom een ieder moet zijn eigen ‘huishoudboekje’ kunnen opstellen.

Verder ligt er een groot aandachtsgebied, en voor het mbo een grote uitdaging, bij het intensiveren van soft skills bij de uitvoering van het beroep of werkzaamheden. Denk hierbij aan integriteit, communicatie met klanten, etiquette op de werkvloer, persoonlijk voorkomen, presentatie- en adviesvaardigheden, commerciële vaardigheden. Het financieel administratieve beroep verlegt zich veel meer naar het zijn van een gesprekspartner dan alleen het invoeren van gegevens. Van een financieel medewerker/accountant wordt verwacht dat hij/zij op basis van voldoende financieel administratieve kennis een goed gesprek kan voeren, ruggengraat heeft en het geweten van de onderneming is.

Hoe zou je het vakgebied aangereikt kunnen krijgen?

Leerlingen nemen de theorie tegenwoordig anders op. Feit blijft dat de theorie zoals deze nu nog wordt aangeboden de basis moet zijn van het vak. Je zult moeten weten hoe je een balans en een winst- en verliesrekening opstelt en hoe deze te lezen. Echter, het werken met casussen uit de praktijk werkt bevorderlijk. Denk bijvoorbeeld aan het opstarten van je eigen bedrijf als praktijkcase. Wat kom je nu in de praktijk allemaal tegen waar je rekening mee moet houden? Hoe ga je dit aan de hand van geleerde theorie vormgeven? Praktijklessen geven met mensen uit de beroepspraktijk. Het beroep moet tot leven komen. Alleen bpv en simulaties aanbieden is dan niet genoeg. Maak gebruik van de werkvorm presentatietechnieken. Laat studenten in de klas de leerstof of uitleg over hun project of specifiek onderwerp vertellen.

De visie erachter: als je het je klas kan vertellen kan je het een klant ook vertellen. Maak daarnaast meer gebruik van multimedia: films, animaties en beeldmateriaal om de praktijk beter te duiden.

Bedrijven als KPMG en PWC werken bijvoorbeeld intern met filmpjes over clean desk policy. Waarom is het zo belangrijk in dit vak dat je je spullen netjes opbergt? Dat je veilig werkt met je device en je computer vergrendeld wanneer je je kantoor verlaat?

Het werkgebied van de FAB-student is een zeer dynamiek werkterrein. De vele berichten op het internet en in dagbladen laten ons dat duidelijk weten. Opleiders en leermiddelontwikkelaars zullen daarom nog meer en beter moeten kijken naar wat er in de beroepspraktijk gebeurd als het gaat om het toekomstperspectief van studenten en hun eigen opleiding.

Rob van der Ploeg

Netwerker, creatief denker en enthousiast over alles wat met beroepsonderwijs te maken heeft. Wil aantrekkelijke leermiddelen maken zodat leerlingen en studenten dagelijks met plezier kunnen leren. In de afgelopen bijna 20 jaar deed hij dit als uitgever en uitgeefmanager. Nu houdt hij zich bezig met de strategie en productinnovatie van Edu’Actief.

0 reacties

Nog geen reacties

Reageer als eerste.

Reageer