4 tips om te schrijven voor een beeldscherm

Denk jij ook nog dat we teksten netjes van begin tot eind lezen? Lineair dus? Dan moet ik je uit de droom helpen: we lezen niet lineair maar fragmentarisch. We scannen. Zowel teksten van het web als teksten op papier. In de jaren tachtig van de vorige eeuw is daar onderzoek naar gedaan door de Duitse marketingpionier professor Siegfried Vögeler. Zijn inzichten staan nog steeds overeind. Wat kun je als maker van studiematerialen leren van Vögeler? Zijn deze inzichten toepasbaar op de manier waarop je studieteksten het beste opbouwt en vormgeeft? Een viertal aanbevelingen.

1. Schrijf gestructureerd
Vögeler ontdekte dat we (online) teksten scannen volgens een F-vormig patroon. We zoeken zo naar informatie waaraan we wat hebben. Informatie waarmee we ons voordeel kunnen doen. Wat lezen we het eerst?

  1. Titelkoppen
  2. Sterke tussenkoppen
  3. Korte stukjes tekst
  4. Visuele elementen
  5. Fotobijschriften

f-pattern
Het F-patroon vastgelegd met eye-trackingtechnieken
Bron: Jakob Nielsen, www.useit.com

Bovendien geldt: hoe meer woorden in een artikel, hoe minder ervan gelezen worden. Van een artikel van 600 woorden lezen we bijvoorbeeld nog rond 180 woorden (30%).

Ook studenten zijn op zoek naar what’s in it for me? Voor studiemateriaal betekent dat dus: beknopte tekst waarin de belangrijkste informatie vooraan staat, duidelijke tussenkopjes boven korte tekstblokken en beeld altijd met een (liefst versterkend) bijschrift. Zo stuur èn behoud je maximaal de aandacht.

2. Schrijf kort en bondig
Hoe meer woorden een tekst bevat hoe minder ervan gelezen worden. Hou daarom allereerst je zinslengte tussen de tien en vijftien woorden. Beperk je daarnaast tot één boodschap (mededeling) per alinea. Dat houdt je verhaal lekker overzichtelijk en goed te verwerken.

Hoe maak je zinnen korter? Vijf tips:

1. Als/dan-zin: start met een vraag

  • Als je een doorgewinterde webredacteur zoekt, dan ben je hier aan het juiste adres.
  • Zoek je een doorgewinterde webredacteur? Dan ben je hier aan het juiste adres.

2. Plaats een koppelwoord (voegwoord of verwijswoord)

  • Zoek je een copywriter met jarenlange ervaring?
  • Zoek je een copywriter? Eentje met jarenlange ervaring?

3. Plaats een vraagwoord bij een causaal zinsverband

  • Ik overweeg al maanden een nieuwe hostingpartij, omdat mijn website langzaam laadt, veelvuldig offline is en een schietschijf lijkt voor hackers.
  • Ik overweeg al maanden een nieuwe hostingpartij. Waarom? Omdat mijn website langzaam laadt, veelvuldig offline is en een schietschijf lijkt voor hackers.

4. Gebruik meervoudsvormen. Dat scheelt lidwoorden

5. Trek samen

  • Stijgende onkosten en toenemende personeelslasten.
  • Toenemende onkosten en personeelslasten.

3. Schrijf begrijpelijk

Hoe meer moeite een lezer moet doen, hoe eerder hij afhaakt. Gebruik dus zoveel mogelijk dagelijkse taal en vermijd formele uitdrukkingen. Zorg ook dat de lezer weet waar hij aan toe is. Wees dus zo concreet en specifiek mogelijk. Vergelijk:

  • Ik stuur je alle documenten binnen 24 uur. (Per mail of per post?)
  • Ik mail je alle documenten binnen 24 uur.

4. Schrijf ritmisch
Zinnen ‘resoneren’ in het hoofd van de lezer. Een prettig en afwisselend ritme zorgt ervoor dat de boodschap makkelijker naar binnen glijdt. De volgende vier vuistregels helpen je op weg:

1. Wissel korte en langere zinnen af.
2. Wissel zinsvolgorde af:

  • Hoofdzin: onderwerp + persoonsvorm + andere zinsdelen
  • Bijzin: andere zinsdelen, persoonsvorm + onderwerp

3. Gebruik opsommingen voor bijvoorbeeld:

  • Problemen
  • Keuzes
  • Oplossingen
  • Onderdelen

4. Vervang een item met afwijkend lidwoord door een synoniem

  • Je verhoogt zo de vindbaarheid, de bezoekersaantallen en het conversiepercentage.
  • Je verhoogt zo de vindbaarheid, bezoekersaantallen en conversies.

Deze tips kun je natuurlijk ook toepassen wanneer je lesmateriaal schrijft op papier. Wil je nog meer tips? Meer adviezen vind je in deel 1 van deze special: Schrijven op niveau.

Dit artikel is onderdeel van de special Zelf lesmateriaal ontwikkelen

Jan Westenbroek

Jan Westenbroek was jarenlang docent Nederlands in het mbo, decaan en adjunct-directeur, auteur van een drietal methodes voor het mbo en bijna 15 jaar actief als educatief uitgever. Tegenwoordig houdt hij zich bezig met de ontwikkeling van arrangementen en on- en offline methodeconcepten en ondersteunt hij uitgevers en directie van Edu'Actief met onderwijskundig advies.

0 reacties

Nog geen reacties

Reageer als eerste.

Reageer